Blog
De roep beantwoorden
Door datingsite- en communitylid
Adriano
28-05-2026 20:14 | bekeken:
44 | funked:
3 | reacties:
0
Een gewone dag maar er gebeuren wonderlijke, mooie dingen. Volkomen in rust heb ik plaats genomen achter mijn bureau in de keuken die ook dienst doet als eettafel. Een plek waar ik op mijn thuiswerkdag ook zit omdat het bureau ook de mogelijk biedt om het omhoog te doen. Ik kijk uit op water met een rietkraag die de mensen die ik in de winter over het pad erachter zie lopen nu aan het oog onttrekken. Voor de deur loopt een pad naar de berging ernaast groeit de hortensia, daarvoor staan margrieten wild overhangend. Ziedaar mijn uitzicht.
Er waren tijden dat ik lyrisch schreef over mijn omgeving. Ik moet lachen, dit beschrijvende realiseer ik mij hoeveel er in de loop der jaren veranderd is. Één ding is al die tijd hetzelfde gebleven; het schrijven. Hoe heerlijk is dat voor mij, een manier om mezelf te verwerkelijken. Soms over dingen die ik voor het schrijven begint niet bedenk. Zo ook nu niet, anders dan dat de voorwaarden om te schrijven vaak gunstig zijn, want zin om iets anders te doen dan lezen en iets delen met anderen, want dat is ook prettig, dat ik niet alleen voor mezelf schrijf. Daar zit zeker een deel van het plezier in.
Toch nu wat ik zo graag doe, naar ‘binnen’ gaan. Woensdag had ik een coach gesprek waar ik erg naar uitkeek. Het was de eerste keer en vol verwachting zat ik daar, vertellend over mijn werk en wandel met God. Het ging over van alles ook over dromen.
Ik deelde de volgende droom met haar: Ik ben op de fiets, op reis, en ik beland ergens waar ik voorbij een soort kamer rijd waar een man in zit. Als ik mijn weg vervolg hoor ik hem nog net zeggen: ‘Ik heb een moord gepleegd’. Ik ga terug en bedenk me dat hij over Jezus mag horen die voor onze zonden stierf en die verlossing bracht, ik vertel hem mijn verleden met een psychose. Hij manifesteert, ik zie zijn gezicht en lijf krom trekken, door mijn getuigenis. Jezus bevrijdt hem door mij heen. Een andere man die het ziet zegt: ‘Dat wil ik ook’. En even later zie ik een wachtkamer met rijen stoelen met allemaal verschillende mannen, jong en oud. En ze wachten allemaal tot ik ze mag bedienen.
Het zei mij dat ik op een punt ben waar ik in één van mijn vorige blogs over sprak. Zij noemde het een plateau, waar je bent waar je mag groeien om vervolgens je plafond te bereiken en weer door te gaan. Waar ik lange tijd nog zoekende was en me afvragend wat er nog meer was, word ik nu heel erg bepaald bij wat er is. Bij wat ik de voorbije periode heb meegemaakt en een verdieping van waar ik ben, niet zozeer iets nieuws. En ik zocht er een proclamatie bij: ‘Mijn ogen wachten op U, U geeft mij mijn voedsel op zijn tijd. U doet Uw hand open en verzadigt mij, naar Uw welbehagen.’ (Psalm 145:15-16)
En in die verdieping merk ik dat de Heilige Geest een prominente rol speelt. Maar ook gebed. Er zijn getuigenissen vanuit mijn omgeving waarin ontegenzeggelijk de rol van de Heilige Geest, al dan niet aangewakkerd door mij, in naar voren komt. En er groeit zo’n sterk geloof in mij. En zo’n droom wakkert het vuur in mij extra aan om te verlangen om deze mannen voor Gods Troon te brengen, en God te vragen gebruik mij daarbij. Laat mij dat kanaal zijn om mannen die het nodig hebben te bedienen, zonder aanziens des persoons. Kom Heer, stuur mij mannen! Dat is mijn voorbede.
En de weldadige rust die ik erin ervaar geeft aan dat ik er klaar voor ben. Klaar om te dienen. Om God groot te maken, en mee te helpen aan Zijn Koninkrijk op aarde. Legers te helpen bouwen, aan te vuren, te onderwijzen, op te bouwen, tot eer van de Allerhoogste. Daar wil ik zijn in dat brandpunt wat mijn leven is. Wetende dat ik het niet vanuit eigen kracht hoef te doen maar God mij zal voorzien van alles wat ik nodig heb. Om dit kracht bij te zetten deze proclamatie: ‘De Geest van de Heere is op mij, omdat de Heere mij gezalfd heeft om een blijde boodschap te brengen aan de zachtmoedigen. Hij heeft mij gezonden om te verbinden de gebrokenen van hart, om voor de gevangenen vrijlating uit te roepen en voor wie gebonden zaten, opening van de gevangenis.’ (Jesaja 61:1)
Amen.