Voor Alle Tegenvallers
Door , 11-02-2010 17:24, reacties: 14
De eerste drie maanden keken we alleen. We keken ons een kriek. Naar elkaar. Daarna gooiden we langzaam wat ongemakkelijke woorden over en weer. Niet wat je noemt overketterende liefde.
Maar toen, op een verdwaalde late donderdagmiddag, een minuut voordat ik me door de veel te natte regen een stinkende bus in zou proppen op weg naar huis. Mijn naam. Die stem kon maar van één iemand zijn. Of ik.. uh.. had ik uh… kom ik wel eens uh.. misschien vond ik het leuk om uh.. Na vier keer een zin niet afmaken kwam het hoge woord er dan toch uit: of ik misschien zin had om vanavond naar een café op de Grote Markt te komen. Daar zou hij vanavond met wat vrienden zitten en misschien vond ik het leuk om in hun gezelligheid te delen.
Nu was ik absoluut geen café-type, zat ik allerminst te wachten op zijn vrienden en moest ik ook de volgende dag om 07:00 uur op mijn werk zijn, dus of ik daar zin in had: nee.. maar als de jongen waar je al maanden naar zit te gluren je ein-de-lijk zo’n vraag stelt is het antwoord: ja. Ik denk dat ik een volle seconde stil ben geweest en zei toen: “uh, volgens mij vind ik je een hele leuke jongen, ik wil je in ieder geval beter leren kennen en als ik daar vanavond de kans toe krijg ben ik van de partij”.
Nu moet je weten dat meneer één van de weinige (en dus bijzonder populaire) jongens was op de opleiding. Hij kenmerkte zich in zijn stille, rustige persoonlijkheid en had al eens door laten schemeren dat hij een nerd van de bovenste plank was: heel goed met computers, niet zo handig met mensen. Niet bepaald the-guy-in-smoking die ik mij op dat paard had voorgesteld.
Natuurlijk regende ik zeiknat, had mijn moeder iets gekookt met knoflook erin, was net mijn lievelingsoutfit in de was, had ik een badhair-day, sneed ik tijdens het scheren een flinke jaap in mijn oksel, regende ik (nog een keer) zeiknat, liep mijn make-up daardoor uit, zat mijn haar door de regen nóg slechter, miste ik op een halve minuut na de bus, knelden mijn schoenen tot bloedens toe, gooide ik per ongeluk mijn glas ijsthee om en verliep het gesprek met hem en zijn vrienden erg stroef. Niks geen perfecte ontmoeting waar de rozenblaadjes vanaf spatten. Toch was er dat moment waarop ik hem aankeek en dacht: dit wil ik wel proberen.
Ik sliep naast hem, die eerste nacht. Toen ik na een nacht niet slapen wakker werd hoopte ik maar één ding: dat dit het goede was om te doen. We bleven elkaar zien, gemiddeld één keer per week. Dan sliep ik naast hem en werden we steeds een beetje verliefder op elkaar. Er volgde heel wat ellende en hier en daar zelfs een dag waarop ik er even klaar mee was. Maar op een zeker moment realiseerde ik me: ik hou van je. Ik hou me gek van je. Ik sms’te het en dat was natuurlijk ook weer op het verkeerde moment: hij zat in de bioscoop met wat vrienden, absoluut niet in de gelegenheid om iets heldhaftigs terug te sturen. Plus dat zoiets natuurlijk ook stom is om digitaal mee te delen.
Toen ik na 2,5 jaar voor het eerst voorstelde om de huur te gaan delen, schrok meneer zich een hoedje en moest ik hem op staande voet reanimeren: hoe ik zoiets kon vragen! Wekenlang was ‘ie van stuur. Samenwonen, ben je helemaal zestig! Uiteindelijk kwam de verwezenlijking van dat idee natuurlijk toch een half jaar later. Ons eerste huisje was een ramp, maandenlang wachten, noodgedwongen in zijn studentenhuis bivakkeren terwijl we wachtten op ons huis waar op dat moment nog een paar Poolse mannen in zaten die er niet uit wilden. Borg al betaald, aanstaande huisbaas met flinke schulden die niet in staat was de borg terug te betalen, wat een ellende.
Nu, ruim vier jaar na die imperfecte donderdagmiddag hebben we een heerlijk huis, een heerlijk leven, een heerlijke relatie. We houden ons een slag in de rondte van elkaar en hopen stiekem dat dat nog de rest van ons leven gaat duren.
Wat ik aan jou wil meegeven: iets dat niet perfect is, kan heus wel heel leuk wórden. Hij, die ene jongen die zo gezellig kan kletsen gaat waarschijnlijk best stomme dingen tegen je zeggen, hij gaat hobby’s hebben die jou helemaal niet interesseren en heeft waarschijnlijk vrienden waarmee jij niet door één deur past. O, en in het echt lijkt ‘ie ab-so-luut niet op de foto’s die online staan.
En zij, dat leuke meisje met die fantastische uitstraling, zal helemaal niet zo spontaan in de omgang zijn als jij denkt. Ze zal misschien voor geen meter kunnen dansen (maar het wel doen) en idolaat zijn met katten (je weet wel, die beesten waar jij een pesthekel aan hebt). Zo zijn mensen helaas. Maar heus, als een stille stamelende nerd en een verregend meisje met een pleister in haar oksel zó gelukkig met elkaar kunnen worden, dan is er echt nog wel hoop voor jou.
Met dank aan BlØf – De mooiste verliezers, “Je zoekt zelden wat je vindt”.
om te reageren.
Erg mooi en ook wel een eyeopener!
Ellen | 12-02-2010 | 21:15 | NL
super verhaal! en deels ook wel herkenbaar geweest

Juud | 12-02-2010 | 18:19 | NL
Mooi en bemoedigend. Gaaf dat je dit wilde delen. Vooral die opmerking op het eind, dat lied van Blof... "Je zoekt zelden wat je vindt" Het onthouden waard!
Je zoekt zelden wat je vindt, da's een harde zekerheid! Mooi verhaal, mooi nummer van Blof ook!!
miepie | 12-02-2010 | 00:36 | NL
Je schrijft mooi beeldend.

André | 11-02-2010 | 22:44 | NL
Leuk!!! Zo had ik het nog niet eerder bekeken!als perfectioniste dan!
Hilde | 11-02-2010 | 19:44 | NL
@ Paula *knipoog*
@ alle leuke reacties: dank dank

Lize | 11-02-2010 | 19:44 | NL
Mooie valentijnsgedachte!

Paula | 11-02-2010 | 19:21 | NL
Schitterend, kan je geen fishlit schrijven

. fishlit ipv chicklit

.
Geweldig leuk geschreven!! Inderdaad hoop doet leven!
Aaahhh, heerlijk leesvoer voor op een koude dag!

Anita | 11-02-2010 | 18:09 | NL
| Reacties: 14 | | | 1 2 | > | >> |